Geschiedenis van de Veluviabuurt

De weg van Utrecht naar Arnhem is al heel oud. Voor Wageningers was het vooral de weg naar de berg. Het was bijvoorbeeld de route voor de processie 'ten heyligen kruys' die ging naar het middeleeuwse kerkje dat op de berg nabij de Holleweg lag. De Holleweg, die ook de verbinding met de doorwaadbare plaats in de Rijn vormde.
Nationaal maakte de weg deel uit van de verbinding tussen Utrecht en Arnhem. De Grebbedijk – althans haar voorganger - vormde één van de weinig plaatsen waar de natte Gelderse Vallei (het grensgebied tussen Utrecht en Gelderland) relatief gemakkelijk te passeren was. En in het verlengde daarvan waren de Hoogstraat en de huidige Generaal Foulkesweg onderdeel van één van de belangrijkste oost-west routes. In feite zou ze dat blijven tot de aanleg van de spoorlijn Arnhem-Utrecht (circa 1845), de snelweg A12 (1954), en de Ritzema Bosweg (1968). Zo was de pomp van Van der Kolk nog in de vijftiger en zestiger jaren de op één na best verkopende pomp van de provincie Gelderland.
In 1975 – zeven jaar na het ontstaan van de Ritzema Bosweg – werd de Hoogstraat voetgangersdomein. Voordien had de Hoogstraat in 1936 éénrichtingsverkeer gekregen (richting Rhenen). Dus vanaf 1936 was volgde het verkeer richting Rhenen de route Generaal Foulkesweg – Stationstraat – Lawickse Allee. Die Lawickse Allee was al in 1726 aangelegd als 'Nieuwe weg' om de Hoogstraat te ontlasten van 'landbouwverkeer' (lees: schijtend vee) van en naar de Nude. Maar zoals gezegd zou pas in 1968 de huidige 'Traverse' ontstaan die Hoogstraat én Generaal Foulkesweg definitief ontdeden van een doorgaand- verkeer functie. Letterlijk sluitstuk vormde de afsluiting van het 5 Mei plein in 1995. Later voorzien van een aantal verkeersdrempels was de weg definitief veranderd van een Rijksstraatweg in een woon- en slaapstraat.
 
Het lijkt aardig om het jaar 1831 als beginpunt voor onze geschiedenis te nemen. Er bestaat namelijk een zorgvuldig ingetekende kadastrale kaart van dat jaar (één van de erfenissen van Napoleon) en het is indrukwekkend hoe leeg het gebied dan nog is. Het gaat om de Kadastrale Kaart Gelderland. Wageningen, door J. van Eck en C.D. Gast. Arnhem, 1991. Kaart 16. Sectie E (Berg Enk). Vierde blad.
 
Eerste opvallend punt is dat de Generaal Foulkesweg al een 'straatweg' is. Juist in 1829 was de weg als onderdeel van de verbinding Arnhem – Utrecht zelfs gepromoveerd tot 'rijksstraatweg'. Zeg maar een Route National: nóg een erfenis van Napoleon. Dit Napoleontische karakter – recht-toe-recht-aan is aan de Rhenense kant al heel duidelijk te zien (met de huidige straat die Nude heet als kaarsrechte verbinding van de Grebbeberg naar de Nudepoort) maar ook de Generaal Foulkesweg werd indertijd behoorlijk 'gekanaliseerd'. De kaart laat zien dat de oorspronkelijke weg wat meer zwabberde. Zo week de oorspronkelijke weg ten westen van de begraafplaats wat in noordelijke richting – ongeveer door het huidige Klein Arboretum (toen de Molenweg geheten) - om waarschijnlijk ter hoogte van het John Snow House 'over te steken' richting Unitas en zijn weg aan de zuidzijde van de huidige Generaal Foulkesweg te vervolgen richting Holleweg.
Bij die Holleweg – iets stadswaards van de kruising - was in 1825 het tolhuis gebouwd. Dat was een alternatief voor de tol bij de Bergpoort, maar die poort was in 1820 gesloopt. Het is bekend dat de baron die Belmonte bewoonde een weg over het eigen terrein benutte om zo de tol te ontlopen. Waarschijnlijk maakte hij daarbij gebruik van de genoemde oude weg die deels over zijn terrein liep. Pas in 1901 werd deze tol opgeheven.
 
Vervolgens moeten we een aardig eindje de berg afzakken om een volgend optrekje te vinden. Ergens in het huidige Klein Arboretum vinden we een schuur die eigendom is van wed, Egbert van Grootveld, en wed. Aart van Rennes had een schuur ter hoogte van Hinkeloord.
 
Als we verder afzakken komen we pas weer iets van steen tegen bij de algemene begraafplaats, waar nu het Jan Kopshuis staat. Ook dit gebouw was in 1831 gloednieuw. Tot 1829 werd je in Wageningen (als je tenminste niet Joods of katholiek was) begraven rond de kerk op de markt. Maar dat werd niet meer acceptabel gevonden (alweer een erfenis van Napoleon?) en een nieuwe begraafplaats werd aangelegd op het terrein waar nu het Jan Kopshuis staat. In 1830 kreeg dit kerkhof het neo-classisistische poorthuisje dat er nu nog staat. In 1939-1940 zou de begraafplaats gesloten worden. In 1981/82 ging dit poorthuisje deel uitmaken van het Jan Kopshuis dat onderdak bood aan Pudoc en de bibliotheek van de Landbouwhogeschool.
Weer verder naar beneden vinden we een 'wind koorn molen', in bezit van erven Nicolaas Pannekoek. Het gaat hier om molen De Eendracht. Op een afbeelding van ene Seghers van 1630 waarop Wageningen vanaf pakweg de Veerweg wordt getoond staan er al twee molens aan de Generaal Foulkesweg (de Eendracht en De Ooievaar, waarover straks). De voorloper van de Eendracht moet een houten molen geweest zijn die in 1785 is afgebrand om kort daarop in steen te worden herbouwd. Eigenaar Pannekoek krijgt in 1841 vergunning om ook eiken­schors te gaan malen voor Roes die dat jaar een leerlooierij startte aan de Stationsstraat. Ìn 1940 zal de molen kap en wieken verliezen in een storm. Subsidie voor herstel blijft uit en in 1996 is de resterende romp gesloopt om plaats te maken voor Residentie De Eendracht (1997).
 
De tweede molen stond op de hoek van de huidige Otto van Gelre-weg, ongeveer op de plek waar nu het notaris-huis staat. Hij bijbehorende grote huis stond een beetje óp de Generaal Foulkesweg: nog een teken dat de nieuwe Rijksstraatweg een wat andere loop volgde dan voorheen. Deze molen heette De Ooievaar. In 1831 al aangemerkt als 'eek-molen'. En inderdaad zijn er aanwijzingen dat er vóór leerlooier Roes zijn fabriek begon al de nodige 'looikuipen' waren in de buurt van de Bergpoort. In 1908 is De Ooievaar gesloopt.
 In 1831 was deze molen eigendom van ene Jacob Pauw, die tegelijk ook een vinger in de pap had bij een 'erf en schuur' aan de overkant van de Generaal Foulkesweg, vlak voor de Israëlitische begraafplaats. Dit is interessant omdat in 1905 de eigenaar van De Ooievaar, molenaar Rutgers, het aanstaande afscheid van zijn molen 'viert' met het bouwen van Why Not. Blijkbaar op eigen grond?
Deze eekmolen was een historisch begrip in Wageningen getuige het feit dat de Eekmolenweg al in 1831 naar haar genoemd was. De Eekmolenweg liep in vrij rechte lijn in noordelijke richting om ongeveer bij de moutfabriek / Geertjesweg op de Churchillweg uit te komen. Als je je voorstelt dat je de Oude Eekmolenweg (vanaf de Eekmolenschool) in noordelijke richting doortrekt voorbij de kruising met de Harnjesweg kom je daar precies uit. Als je andersom de huidige Eekmolenweg ontdoet van haar bocht bij de kruising met de Otto van Gelreweg en recht doortrekt in de richting van de Generaal Foulkesweg kom je ongeveer uit aan de stadskant van het huidige notarishuis. Dáár was in 1831 de kruising.
 
Achter het huidige Why Not ligt in 1831 al de in 1761 geopende Joodse begraafplaats. In 1929 zou deze voor gesloten worden verklaard.
 
Op de punthoek van Generaal Foulkesweg en Veerstraat stond een pand dat in het bezit van ene Geurt Stevens Jansen Az. (van beroep 'arbeider'?). Deze bezat ook de hele driekoek tussen Veerstraat, Generaal Foulkesweg en de Joodse begraafplaats, dus zeg maar tot Why Not
En tenslotte vinden we op Generaal Foulkesweg 1 Hotel de Wereld, sinds minimaal 1669 een logement.
 
Al met al een betrekkelijk verbazingwekkend beeld. Met dit handjevol panden hebben we echt alle bebouwing te pakken in het grote vierkant tussen Veerweg, Bevrijdingsstraat/Churchillweg, Harnjesweg en Diedenweg. Ook aan de Diedenweg staat geen enkel pand ingetekend. Nu is het wel zo dat Wageningen in 1831 nog maar 3500 bewoners telde, maar de andere hierboven genoemde wegen kenden wél vrij veel bebouwing. Ons gebied is maagdelijk bouwland, soms specifiek aangeduid als tabaksland.
Behalve de al genoemde wegen wordt er nog één met name genoemd: de Postjes weg. Ook deze nog bestaande weg moeten we in zuidelijke richting doorgetrokken denken, iets afbuigend richting stad. Ze moet ongeveer bij de kruising met de huidige Arboretumlaan op de Generaal Foulkesweg zijn uitgekomen.
 
Tot slot is op de hierboven besproken kaart sprake van namen voor de verschillende 'blokken'.
Het Molenblok. Dit betreft het hele gebied tussen Generaal Foulkesweg en Veerweg van 5 mei-plein tot Holleweg.
De Dellen. Dit betreft het vierkant tussen Generaal Foulkesweg, Posjesweg, Harnjesweg en Bevrijdingsstraat-Churchillweg.
De Breijen. Dit betreft het gebied tussen Geberaal Foulkesweg, Diedenweg, Harnjesweg (die toen doorliep naar de Eng) en Postjesweg.
 
Leo Klep
 


Silverlight Versie


Silverlight Versie
Inloggen   Zoeken